Plannen voor Windturbines naast het Plaisiersbos

Je bent sinds jaar en dag in de weer voor een schoner milieu, je werkt je uit de naad voor het behoud van een lokaal natuurgebied en je wil desnoods anders gaan leven.

Maar dan hoor je dat men plannen maakt om pal naast je  gekoesterd natuurreservaat enkele flinke windturbines neer te poten. Zo’n 150 meter hoge installaties op 55 meter afstand van de bosrand… Ondanks 1874 (sic!) bezwaarschriften en het ongunstig advies van de gemeentebesturen van Zedelgem en Oostkamp heeft de bestendige deputatie van onze provincie een milieuvergunning verleend voor dit project!

Dit overkomt momenteel de Zedelgemse Natuurpunter die enerzijds ijvert voor de landschappelijke uitbouw en de ecologische verrijking van het Plaisiersbos, en anderzijds volmondig en unaniem ‘ja’ zegt tegen hernieuwbare energie. Alleen, waar moet die infrastructuur voor hernieuwbare energie dan komen? Dit ‘dilemma’ zal steeds vaker de kop opsteken bij de natuurbeschermers in Vlaanderen, nu er op de jongste klimaattop duidelijk bevestigd is volop te investeren in groene stroom. Binnen de Vlaamse context zijn zelfs alle partijen het erover eens dat er, in het bijzonder wat betreft windenergie wel een tandje mag bijgestoken worden, ook op het vlak van vergunningen. Wij denken van onze kant dat dit geen dilemma zou mogen zijn, maar een kwestie van een degelijke ruimtelijke planning.

De open ruimte is schaars, dat is geen nieuws. Diezelfde ruimte moet in ons verstedelijkt en versnipperd landschap plaats bieden aan ontelbare functies en behoeften.  Met een beetje ruimtelijke ordening en een hard onderhandelde aanzet tot natuurbeleid, waren we net een eind op weg  om hier en daar een paar hectaren natuur veilig te stellen. En net bij die schaarse natuur wil men nu windturbines plaatsen, wellicht vanuit de overweging dat hier de minste weerstand zal zijn. Een uitdaging, zonder meer, om hier alweer natuurbescherming en menselijke druk op die natuur te verzoenen…

Er zijn studies, ministeriële omzendbrieven, beperkte windplannen, enzovoort om de impact van windmolenparken op de leefomgeving zo laag mogelijk te houden. De veiligheid, de invloed op het landschap, het risico op botsingen met (trek)vogels en natuurlijk de hinder voor omwonenden zijn daarbij van primordiaal belang. Ook met de nabijheid van  natuurgebieden wordt rekening gehouden. Die natuur wordt dan wel gereduceerd tot Natura 2000, VEN- of IVON-gebied. Je moet ergens een streep trekken… (Doeveren, Hoogveld & het Plaisiersbos, de  3 Zedelgemse natuurgebieden, die nog enige omvang hebben, behoren helaas niet tot deze beschermde zones). De omgeving van grote infrastructuurelementen (zoals autowegen) komt, logischerwijs omwille van haar reeds bestaande impact op het landschap, a priori in aanmerking voor de inplanting van windparken. Dat voornoemde natuurgebieden nu net naast de E403 liggen, pleit alweer niet in hun voordeel.

Je kunt niet alle natuurgebieden vrijwaren van windmolens, redeneren de beslissers. De locatiemogelijkheden zijn te schaars, de vraag naar turbines te groot. Milieuvergunningen moeten afgeleverd worden (kost wat kost), of we zijn een slechte leerling in Europa! De druk is, samengevat, erg groot. Niet echt het moment om rekening te houden met bijna 2000 bezwaarschriften of een legitieme vraag rond het effect op, ik zeg maar wat, Europees beschermde vleermuizen of het broedgebied van onze buizerd.

Vanuit een gevoel van bedreiging voor onze natuurgebieden, heeft Natuurpunt Zedelgem toch een bezwaar ingediend in de milieuvergunningsprocedure voor de bouw van 2 windturbines naast het Plaisiersbos. We vinden dat de overheid dringend zones moet afbakenen waar windenergieparken terecht kunnen. Wij willen graag mee aan tafel zitten met lokale overheden, ondernemers, landbouwers en andere middenveldgroepen. Het moet toch mogelijk zijn om samen de weinige natuurgebieden die we nog hebben te ontzien.

Het bezwaarschrift van Natuurpunt Zedelgem tegen de milieuvergunning voor de exploitatie van 2 turbines naast het Plaisiersbos is geconcentreerd  rond enkele argumenten. We vinden dat er in Vlaanderen eerst een duidelijk ruimtelijk plan moet onderhandeld worden, waarbij de locaties voor deze windparken zijn vastgelegd. Dit had er al moeten zijn…  In afwachting dient er minstens een ruime buffer gerespecteerd te worden tov erkende natuurgebieden. Ten tweede zien we dat zowel locale, provinciale als de Vlaamse overheid zich hebben geëngageerd om het Plaisiersbos in een ruimer landschappelijk en ecologisch netwerk te integreren. De plaatsing van de turbines past niet in dit plan. Wij vinden verder dat de natuurwaarde in het Plaisiersbos wordt geschaad op het vlak van broedvogels en vleermuizen en dat de speelbosfunctie en  de natuurbeleving in het gebied worden gedegradeerd.

De Bestendige Deputatie van onze provincie heeft alle bezwaarschriften feitelijk naast zich neergelegd en even voor Kerstmis een milieuvergunning toegekend aan de investeerders. Opvallend in deze is de teneur van het document: de investeerder beantwoordt met zijn aanvraag aan alle wettelijke en inhoudelijk criteria (de vernieuwde omzendbrief is inderdaad vrij soepel geworden in de natuurtoets, de afstand tot erkende natuurgebieden en de bundeling met andere infrastructuurelementen) en de meeste bezwaren spelen eerder op politieke of maatschappelijke keuzes. Daar kan de vergunningscommissie niet op ingaan. Ook opvallend is dat het Agentschap voor Natuur en Bos de plaatsing van de turbines naast het Plaisiersbos gunstig adviseert. Enige terughoudendheid van een administratie, die de belangen van natuur en bos moet ter harte nemen, zou gepast geweest zijn.

Natuurpunt Zedelgem  gaat  tegen de beslissing in beroep. Dit neemt niet weg dat onze vereniging in het algemeen pleit voor meer investeringen in hernieuwbare energie, energiebesparende maatregelen en een reductie van de uitstoot van broeikasgassen. Deze duurzame energiewinning mag niet bedreigend zijn  voor die paar natuurgebieden die we nog hebben, ook al zijn die niet Europees beschermd.

Kris Lesage

Natuurpunt Zedelgem

 bezwaarschrift